In 2007 ben ik afgestudeerd aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, na het schrijven van een scriptie over de sociale hiërarchieën binnen het sumo worstelen. Omdat ik al deze kennis toch met de wereld wil delen, is onder de kop ‘Sumo Science’ mijn hele scriptie in leesbare brokken te vinden. Hieronder het der
de deel van een uitleg over de oude sociale structuren van Japan.
De mensen met een hofrang waren de machtigste mensen binnen de maatschappij. De leden kwamen uit de belangrijkste Uji, met de hoogste functies voor de hoogste Uji. Zij hoefden geen belasting te betalen, ook niet over hun inkomsten uit de boerengemeenschap die voor hen werkten en aan hen belasting betaalden. Zij kregen ook aanzienlijk lagere straffen voor dezelfde delicten dan de mensen uit lagere sociale klassen .
De ‘gewone’ man zonder hofrang was vaak een boer. Deze boeren leefden vaak samen met de slaven in boerengemeenschappen. Zij werkten voor de lokale clan en betaalden hen ook belasting. Ze waren ook van het centraal bestuur afhankelijk, bijvoorbeeld door de staatsgereguleerde irrigatie. Ze leefden in groepen binnen een dorp. Deze groepen, Ko, waren zelfstandig producerende eenheden en bestonden vaak uit bloedverwanten aangevuld met slaven. De boeren binnen een Ko stonden boven de slaven en gemengde huwelijken waren strikt verboden .
Binnen de groep van slaven bestond een sterk onderscheid. De hoogste slaven waren de staatsslaven, die tot op zeker hoogte vrijheid bezaten. Ze waren eigendom van de staat, maar mochten wel families stichten en konden een deel van de oogstopbrengst opstrijken. Ook mochten zij niet verhandeld worden. De privé-slaaf had een zelfde status, alleen niet binnen de staat, maar binnen de Ko. De laagste sociale groep werd gevormd door een groep staats- en privé-slaven die vrijwel geen status hadden en in ruil voor geld van eigenaar konden wisselen.
Toen de macht van de keizer steeds geringer werd, werkte de Fujiwara familie zich op aan het hof en trad uiteindelijk op als regent met volmacht van de keizer. De Fujiwara hadden geen ambitie de keizer te vervangen, aangezien ze zagen wat de macht van de ceremoniële functie van de keizer was. Door te blijven regeren in naam van de keizer, hadden zij de goddelijke macht achter zich, aangezien de keizer van hen een afstammeling was.
Onder de heerschappij van de Fujiwara bleven vele instituten uit de Nara periode bestaan, maar maakten een sterke evolutie door. De grootste verandering was de evolutie van het oude verdelingssysteem van grond naar de Shoēn, een samenwerking tussen boeren en aristocraten, alsmede een leefgemeenschap.

Akashi Shiganosuke
[...] lees verder. [...]